Handelt het UWV een aanvraag of bezwaar niet tijdig af, dan kunnen mensen en werkgevers aanspraak maken op een bestuurlijke dwangsom. Omdat het UWV grote achterstanden heeft bij de WIA-beoordelingen, schiet een dwangsom om snel te beslissen het doel voorbij, aldus minister Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Er ligt daarom een nieuw wetsvoorstel ter internetconsultatie. De regering wil de bestuurlijke dwangsom bij niet tijdig beslissen in de WIA tijdelijk schrappen tot de achterstanden door het UWV zijn ingelopen.
Het UWV kampt al jaren met grote achterstanden. Er zijn te weinig verzekeringsartsen en er liggen te veel WIA-aanvragen, herbeoordelingen en bezwaarschriften. De vraag is simpelweg te groot en de wachttijden lopen steeds verder op. In veel gevallen wordt het UWV in gebreke gesteld en moet het UWV na het verstrijken van de termijn een dwangsom betalen. Het duurt inmiddels zo lang voor er een beslissing wordt genomen, dat partijen zich ook steeds vaker tot de rechter wenden. De rechter kan dan een hogere dwangsom opleggen, terwijl het UWV de vraag simpelweg niet aankan. De dwangsom heeft daarmee niet het effect waarvoor het bedoeld is, en de kosten lopen steeds verder op.
Het is begrijpelijk dat naar een manier wordt gezocht om de door het UWV verschuldigde dwangsommen te beperken. Maar met het schrappen van de dwangsom, wordt het echte probleem niet opgelost. Het is weer een noodverband, en weer één die ten koste gaat van verzekerden en werkgevers. De dwangsom is het enige (beperkte) drukmiddel dat zij hebben om het UWV aan te sporen een spoedige beslissing te nemen. En met deze (tijdelijke) maatregel, wordt dit drukmiddel weggenomen.
Toegegeven, het echte probleem is niet eenvoudig op te lossen. Dat vraagt om fundamentele keuzes en een herziening van het systeem. Het is tijd dat de wetgever de blik verlegt van tijdelijke noodmaatregelen naar een structurele oplossing. Want zolang die uitblijft, blijft het systeem vastlopen – met alle gevolgen van dien.